BLOM ZIET IETS - 10 | Garagebox United

[locatie: Hoorn, Nederland]

Hoe kort mogen hoogtijdagen duren, om over hoogtijdagen te kunnen spreken?
Bij Garagebox United waren de hoogtijdagen op de vingers van een elftal te tellen.
 
Het was begonnen met een megalomaan idee in het hoofd van een man die nu liever anoniem blijft. Er moest een multifunctioneel stadion komen. De zoektocht naar een geschikte locatie was niet eenvoudig geweest, maar uiteindelijk werd gekozen voor de best bereikbare plek en een grondprijs die de businesscase niet al te zeer negatief beïnvloedde. Twee jaar later werd het geopend, het multifunctioneel stadion. Een stadion waarin de toekomst van de club sportief en financieel gegarandeerd gezond zou zijn.



Er kon in elk geval voetbal en openlucht-basketbal worden gespeeld. Rondhangen kon er ook. Er kwamen skyboxen. Vanuit appartementen rondom het stadion was er zicht op het speelveld – of in elk geval op een deel daarvan. En als extra inkomstenbron werd, vlak achter de tribunes, een camping gerealiseerd waar het ultieme clubgevoel beleefd zou kunnen worden.
De eerste wedstrijden in het nieuwe stadion werden gewonnen. Het moet gezegd dat dat vooral oefenwedstrijden waren. Daar zaten ze dan, de supporters, de geldschieters, en de sponsors. Op hun duurbetaalde plekken. De ene na de andere nederlaag moest worden geïncasseerd. Nee, het voetbal was niet eens slecht, maar de tegenstanders waren meestal beter en efficiënter.
Zo ook in het ultieme degradatieduel, de wedstrijd van het jaar. ‘Alles of niets’, ‘de dood of de gladiolen’, en meer van dit soort clichés waren van toepassing.
Het ging als volgt. De hele wedstrijd hadden ze gecontroleerd. Vlotte één-tweetjes werden afgewisseld met splijtende dieptepasses en solo’s die nog zelden op een voetbalveld vertoond waren. Juist in deze wedstrijd. Hogeschoolvoetbal, waarbij alle aspecten van het spel werden beheerst. Op één aspect na, namelijk: de bal in het vijandelijke doel schieten. Ofwel, een doelpunt bleef uit. En dus deed die oude voetbalwet zich weer gelden: de kwalitatief veel mindere tegenstander scoorde wel.
In een ultieme poging om een verlenging uit het vuur te slepen, ging linksback Bram van der Ham in de blessuretijd mee naar voren. De voorzet kwam van rechts. Met een droge, harde wreeftrap schoot hij de bal in het net! …het zijnet. Zeker de helft van de supporters vierde deze misser als doelpunt. Een feestje van korte duur, want de waarheid werd snel duidelijk.
Het affluiten van de scheidsrechter. De 0-1 eindstand op de grote digitale borden. Spelers stortten ter aarde. Er vloeiden tranen. Niet eerder was de douche zo koud geweest. Supporters dropen af en zouden het jaar daarop hun seizoenkaart niet verlengen. De volgeschonken glazen champagne in de skyboxen bleven onaangeroerd. De grote raampartijen daar, die steeds zo’n optimaal zicht op het speelveld hadden gegeven, werden afgeschermd.

Niemand die nog bij deze club wilde horen. Niemand die zich verantwoordelijk voelde voor de degradatie. Niemand die zich verantwoordelijk voelde voor de – achteraf – ongelukkige keuze om het stadion hier te bouwen. Voor de teloorgang van het voetbal in de stad.
En omdat ook niemand zich verantwoordelijk voelde voor de rommel die de teleurgestelde supporters op het veld hadden gegooid, ligt die rommel er nu nog. En in het zijnet: de stille getuige van het fiasco. De bal die Bram van der Ham in de 93e minuut aan de verkeerde kant van de paal schoot.
Als er nauwelijks sprake is van hoogtijdagen, geldt de rest van de tijd dan als laagtijdagen?
 

|  Datum: 2018-03-16  |  Labels: Observaties  Kunstprojecten  Blom ziet iets  |  Overzicht van alle publicaties  |



Reacties:



Reageren:
















   
zoeken volgende vorige